Frankrijk (2): Delouzes-Rosières

Najaar 2013, het Franse platteland. Pastorale. De oogst is binnen, de mild glooiende akkers zijn leeg en verlaten, een kalenderplaatje. De ochtendlijke hemel boven Lotharingen op die koude oktoberdag is machtig blauw, een morgen zoals in de grote dagen. 

Het in het weidse landschap plompverloren Delouze-Rosières zie ik al van ver. Het panorama – een zeventigtal huizen en een kerktoren – is vele decennia geleden geschilderd en sindsdien onaangeroerd. De brede maar heerlijk rustige D960 schurkt zich rakelings tegen de dorpsrand aan: passanten zoals ik worden subtiel op afstand gehouden. Een dorp in de kantlijn, met als enige reden van bestaan de enkele tientallen mensen die er wonen.

Ik koester het mysterie en fantaseer over hoe het dorp zich de voorbije eeuwen gevormd heeft  en hoe het geworden is tot wat het vandaag is, een zeker anachronisme in een voortrazende wereld. Het verstilde Delouze-Rosières kreeg plaats in geschiedenisboek noch toeristische gids. Waarom zou het ook? Alleen al in Frankrijk zijn duizenden Delouzes. Geen koningen zijn er geboren, geen kastelen gebouwd, geen revoluties gesmeed, geen helden gevallen en geen grote verhalen geschreven.

Én toch ben ik wanhopig benieuwd naar het kleine verhaal van dat onbetekenende en niet eens zo mooie dorpje in een onmetelijk Avondland. Het is vast een verhaal met kwajongens en een dorpspastoor met losse handjes, een verhaal over een jongeman die vele jaren eerder wegvluchtte en na een lange carrière in de hoofdstad terugkeert naar zijn geboortedorp, van een lange hete zomer, een hoogoplopende familievete en bloeiende romances, van de triomf van het alledaagse, van een klein dorp dat telkens weer wordt ingehaald door een veel grotere wereld.

De weg jaagt mij onontkoombaar verder. Delouze-Rosières ligt al lang achter mij. Het verhaal van Delouze-Rosières is ook het verhaal van Abainville, Horville-en-Ornois, Chassey-Beaupré, Lézeville, Germay, Germisay, Epizon, Busson, Reynel en Vignes-les-Côtes. Steeds opnieuw word ik uitgedaagd het verhaal heruit te vinden, de verbeelding aan de macht.

Frankrijk heeft verhalen voor een heel leven.

In april 2018 ging ik terug naar Delouzes-Rosières. Het panoroma was onveranderd, ik had niet anders verwacht. Er zijn nog zekerheden, en Frankrijk is er één van.

Zelf op zoek naar jouw eigen Delouze-Rosières deze zomer?

  • Frankrijk telt meer dan 35000 gemeentes, meer dan de helft hebben minder dan 500 inwoners, ontelbare dorpen tellen hooguit 100 inwoners.
  • Het kleinste dorp is Rochefourchat in de Drôme – met één enkele inwoner, toch mét wikipediapagina!
  • 155 dorpen behoren tot les plus beaux villages de France, aangeduid door de gelijknamige onafhankelijke organisatie. Over welke dorpen het gaat en wat hun troeven zijn, ontdek je op deze website.
  • Dat een klein dorp soms wel plotseling – en op de meest ondenkbare manier – deel kan worden van de wereldgeschiedenis, bewijst het verhaal van Oradour-sur-Glane, niet ver van Limoges in het departement van de Lot. In 1944 werd het het hele dorp uitgemoord door de terugtrekkende nazis. Het was de grootste massaslachting door de nazi’s op burgers in Frankrijk. Na de oorlog bleef het zwartgeblakerde dorp onaangeroerd als oorlogsmonument – ondenkbaar aangrijpbaar, maar we raden zeker aan om er voor van de autostrade te gaan als je op weg bent naar het Zuiden. Het verhaal van Oradour lees je hier.