Waarom je (niet) naar Moldavië hoeft te gaan

‘Wat weet u over Moldavië?’ ‘Euhm… Land in Oost-Europa, hoofdstad is Chisinau, of zoiets…. en STOP’.

Het zou zo een beslissende scène kunnen zijn in de Slimste mens ter wereld. Want wie kan er nu vijf dingen opnoemen over dat onbetekenende land, geprangd tussen Roemenië en Oekraïne? En hoeveel mensen kiezen überhaupt Moldavië als vakantiebestemming? Het bier in de hoofdstad Chisinau is goedkoop, er staan eeuwenoude kloosters in het land, de wijn is er goed en in het niet-erkende deelstaatje en relatief ontoegankelijke Transnistrië is Lenin nog steeds de grote volksheld, maar verder?

Niet alleen omwille van haar ligging in een uithoek van Europa zal het land nooit een toeristische hotspot worden. Voor de verwende reiziger heeft het glooiende, groene landschap weinig spektakelwaarde te bieden – niets dat je elders in Europa niet vindt. Cultureel-historisch leunt Moldavië sterk aan bij grote broer Roemenië, maar dat land heeft van alles meer, mooier en bekender.

Ik was al meer dan een maand onderweg toen ik met de bus uit Odessa in Chisinau aankwam en van daaruit terug naar Roemenië fietste.  Ik was maar 24 uur in Moldavië, maar toch was ik er graag. Het was gewoon goed, en dat was al meer dan goed genoeg. Mijn oververhitte reizigersgeest kwam er tot rust, ik had mijn portie spektakel wel al gehad. Moldavië: bescheiden land, bescheiden schoonheid, en ik hou van bescheidenheid.

Het land toont niet veel ambitie om de toeristische infrastructuur uit te bouwen en heeft er ook de middelen niet voor. Toerisme trekt sowieso een zware wissel op de authenticiteit van een land of een plek, wat de reisindustrie ook mag beweren.  Is het dan geen prikkelende gedachte dat Moldavië op lange termijn misschien wel als winnaar uit dit niet-toeristische verhaal komt? De authenticiteit die er nu nog onmiskenbaar is gevrijwaard door het gebrek aan toeristische spektakelwaarde, alleen dat al vind ik een reden om onvoorwaardelijk van Moldavië te houden!

Zelf naar Moldavië zonder vliegtuig? 

  • Een weekendje city trippen naar Chisinau is niet onmiddellijk haalbaar. Met trein ben je al snel een dag of twee onderweg tot in Moldavië. Maar hoeft dat een probleem te zijn? Zoals steeds gaat het erom dat reizen vooral tijd nemen is.
  • Je kan natuurlijk ook gewoon thuisblijven en een boek lezen. Het beste reisboek over Moldavië ooit (voor zover wij alle reisboeken over Moldavië gelezen hebben natuurlijk) is misschien wel ‘Spelen tegen de Moldaviërs‘ van de Britse comedian Tony Hawks. Hij schreef trouwens ook hilarische boeken over hoe hij Ierland rondliftte met een koelkast en een hit scoorde in Albanië. Te vinden in de betere bibliotheek of internetboekenwinkel!  
  •  Weetje: Ook op nog een ander vlak wordt het Moldavische mysterie misschien een beetje behouden: het land is samen met Bosnië en Wit-Rusland het enige land in Europa waar google streetview nog niet is langsgereden, houden zo! 

Life is music

Scoutskamp in Florenville, 15 jaar geleden. Summer Jam weerklinkt onophoudelijk door de ghettoblaster. Bronze skin and cinnamon tan whoah! Het is telkens het signaal voor een collectieve pauze, welke activiteit er ook bezig is.

Vele jaren later, op m’n Franse hotelkamer permitteer ik me een lange, lome ochtend – réculer pour mieux sauter. Ik zap van het ene muziekkannaal naar het andere. Oppa Gagnam Style, een hyperkinetische Zuid-Koreaan doet nog maar eens zijn onnozele dansje. Het doet me terugdenken aan een andere zomer – de laatste ochtend van wat een fantastische reis geweest was. Ik ontbijt in een anonieme fastfoodttent en staar ondertussen met een half oog naar Lady Gaga’s Alejandro en Enrique IglesiasI like it.  ik wentel me in de charmante mistroostigheid van het moment en voel mij verbonden met eenzame ontbijters in fastfoodtenten in anonieme grootsteden waar ook ter wereld, bevreemdende plekken waar de televisieschermen non-stop muziekvideo’s braken.

Flash forward. Een zonnige middag aan een recreatievijver ergens in Wallonië. Enkele mensen houden barbeque. Flarden Roemeense manele komen aanwaaien. Het gecontesteerde gejengel werkt op onnavolgbare wijze op mijn sentiment en brengt mij onmiddellijk terug naar een langvervlogen maar voor eeuwig onvoltooide zomer in de Balkan. Formidable van Stromae doet mij terugdenken aan een vakantie en openstaande autoraampjes in Zwitserland. Faded van Adam Walker zal me voor altijd enkele zomers terugkatapulteren naar een zonovergoten en euforische autorit vanuit Wenen terug naar huis – de repeatknop was vastgeroest in de autoradio. Where are you now? Op Youtube kijk ik clipjes van de nobele onbekende Manuel Silvaflash back naar een onstuimige taxirit op vervallen bergbaantjes in Noord-Portugal – de taxichauffeur had in zijn aftandse Mercedes enkel  maar een cassette’tje liggen van de lokale accordeonheld. Op godverlaten Kroatische tweevaksbanen werd ik voortgestuwd door de rauwe indie folk van The Low Anthem in mijn oortjes – Home I’ll never be, schreeuwde ik telkens opnieuw luidkeels mee. Een andere keer in Servië was het Flogging Molly – hoe verder ik van huis was, hoe luider ik Within a mile of home meezong.

Life is music, en elke zomer heeft een soundtrack nodig. Ik ga er nooit bewust naar op zoek, het gebeurt gewoon. Het doet er niet toe of het nummers van een uitzonderlijke kwaliteit zijn of met een groot muzikaal vernuft – of het de zomerhits van het moment zijn, klassiekers, of obscure nummers die nooit de hitlijsten haalden.  Ze waren het geluid van een welbepaalde zomer en alleen al daarom krijgen ze eeuwigheidswaarde. The sounds of summer!

Wat wordt de soundtrack van de zomer van 2019?

 

Rond de wereld zonder vliegen: deel III – Ontmoeten en samenleven

Op de fiets zorgt het fysieke afzien voor een goede nachtrust en de nodige strubbelingen. Honger en tempoverschillen staan met stip op één op de ruzielijst. De eerste 3 maanden zijn we onze eigen baas, de volgende 40 dagen staan we ten dienste van de kapitein. Dat betekent op onze tellen passen. Het zou niet de eerste keer zijn dat onze schipper zijn bemanning last minute van boord gooit. Maar wij prijzen ons gelukkig en zeilen de Atlantische oceaan over. We leren de wacht houden, zeilmanoeuvres uitvoeren en slapen terwijl de deining ons heen en weer gooit. Onze gezamenlijke liefde voor de zee stuwt ons voort.

Traag reizen doet ontmoeten. Bovendien ben je al fietsend extra aanspreekbaar. Twee burgemeesters nodigden ons spontaan uit om te overnachten in hun tuin of huis. Een derde burgemeester wou ons meenemen op fietstoer in zijn dorp. De herbergen op de Santiago-route en de gastvrijheid van Warmshowers en Couchsurfers vullen kortere ontmoetingen aan met avondvullende gesprekken. Soms levert samen wachten nieuwe vrienden en verhalen op. Bij ons de ferryticket tussen Portugal en Spanje kregen we gratis een fietscompagnon voor drie dagen.

Niets is zo intens als een maand samenleven met zeven onbekenden op zo’n veertig vierkante meter. Op een zeiljacht voelt het alsof we elke dag met zeven routinés in het stamcafé zitten. Bij onze aankomst in Saint Lucia weten we wie er van de bemanning als kind naaktliep en wie nog steeds, maar beste vrienden zijn we niet geworden. Toch zijn de levensverhalen van een burgemeester, wereldreiziger of multimiljonair allemaal inspirerend genoeg om te blijven reizen.

Je kan de reis rond de wereld zonder  vliegtuig van Esther en Vincent volgen op hun blog of via facebook en instagram. Deel I en II van het verhaal verhaal lees je hier en hier!

Een leven onderweg

‘Wat ga je daar doen?’ Het is een vraag die mij vaak gesteld wordt, wanneer ik vertel dat ik weer eens een eindje ga fietsen.  ‘Niets‘, antwoord ik dan met een triomfantelijk glimlachje. Soms reageert mijn gesprekspartner licht geamuseerd, soms verbaasd, een enkele keer hoort hij het in Keulen donderen. ‘Hoezo, niets? Waarom ga je dan naar daar?’ ‘Nou ja, ik ga gewoon naar daar‘.  Dát is het korte antwoord.

‘Ik ga naar daar omdat ik graag fiets. De weg is mijn cocon, mijn veilige haven, mijn comfortzone. Ik ben altijd onderweg, het verlangen onderweg te zijn is meer dan een passie, het is een bestaansreden, één van mijn grootste drijfveren. Hoe de weg eruit ziet na de volgende bocht, achter de volgende heuvel, voorbij de horizon: telkens opnieuw wordt mijn nieuwsgierigheid geprikkeld, het stopt nooit. De weg is de bestemming, de bestemming slechts een alibi om de weg die er naartoe leidt te ontdekken. Het maakt me niet uit of de bestemming enkele tientallen of enkele duizenden kilometers ver van hier is, elke bestemming is me evenveel waard. De bestemming bereiken krijgt toch enkel maar betekenis door alles wat eraan vooraf gaat, de bestemming is niet meer dan een friendly reminder dat het tijd is om terug naar huis te gaan.’

Dát is het lange antwoord. Eens onderweg, vergeet ik de vraag snel maar het antwoord herontdek ik telkens opnieuw. Ik moet gaan!

 

 

 

De zomer van je leven, voor jongeren van 9 tot 99!

Op een zomer zonder vliegen staat geen leeftijd! We kregen een leuk berichtje van Jo Verwimp:

‘De keuze om te reizen zonder vliegtuig maakt voor mijn vrouw en mij deel uit van onze ecologische instelling. Het klinkt misschien vreemd, maar voor ons is het een instelling die we al hebben sinds onze kindertijd in de jaren ’50 – de naoorlogse jaren, en we hebben ze altijd weten te houden.

We zijn nu 74 jaar, een enkele keer namen we het vliegtuig, maar dat is inmiddels ook al meer dan 15 jaar geleden. Ook de auto halen we maar vier of vijf keer per jaar van stal, als het niet anders kan. We rijden nauwelijks 500 km per jaar! Óns vervoermiddel is de fiets, zowel voor dagelijks gebruik als  voor recreatieve doeleinden. We reizen heel graag in eigen land en combineren de fiets met het openbaar vervoer. Onze vouwfiets gaat makkelijk en gratis mee op de trein, bus, tram of metro.

Van zodra het weer goed is trekken we er voor een dagje op uit, de natuur in. Met de trein gaan we bijvoorbeeld tot Dinant en dan fietsen we langs de Maas tot Namen, of we springen op de trein naar Eupen en rijden van daar naar Aachen. Onze Bromptons gaan al 15 jaar mee en tot nu toe hebben we onderweg nog nooit noemenswaardige problemen gehad!

Zelf dagtrips maken met (vouw)fiets, trein en openbaar vervoer?

  • Jo verzamelde maar liefst 227 (!) van zijn favoriete dagtrips op zijn routeyou-pagina, vol met nuttige info voor wie zelf op pad wil gaan – of je nu 9 of 99 bent!
  • Jo schrijft ook regelmatig verslagjes in het magazine Fietsen moet kunnen. Hier vind je het verhaal van een tocht langs de scheepsliften van het Canal du Centre in Henegouwen en hier over een fietsdaguitstap in de Ourthevallei!

Geslaagd met onderscheiding: van vliegschaamte naar treintrots!

Zomer Zonder Vliegen-fan Katrien Vriens maakte in het kader van haar postgraduaat ‘digital content and journalism’ een longread over reizen zonder vliegtuig: van vliegschaamte naar treintrots!  Geïnspireerd door Zomer Zonder Vliegen,  ging Katrien zelf met de bus, trein en boot ging naar Terschelling, Hamburg en Kopenhagen.

Lees én beluister de verhalen van Katrien, maar ook van verontschuldigende vlieger Véronique, fiere fietser met treintrots Jean, relaxte roadtripper Inge, bewuste bootreiziger Reza en tot slot filosoferende fietser (en ZZV’er) Toby hier:

https://readymag.com/1268056

Tropische perfectie, vluchtig geluk

Ik zag de foto passeren op youtube, geen flauw idee waar hij genomen was – het kan zowel in de Caraïben, de Stille Zuidzee of de Indische Oceaan zijn. Het is een archetypisch beeld van het ultieme tropische paradijseiland. Ik word er meestal warm noch koud van, maar deze foto – in combinatie met het dromerige deephouse-deuntje – prikkelde mijn verbeelding. Geen mens te zien op het hagelwitte strand, dat naadloos overgaat in het bijna rimpelloze wateroppervlak van de ondiepe zee. Ik loop in gedachten tot het uiterste puntje van het strand, met mijn voeten het tintelend warme oceaanwater in. De tropische perfectie wordt bijna voelbaar. Door mijn voornemen om niet langer te vliegen ontzeg ik mijzelf deze extatische plek, is het mij dat wel allemaal waard?

Ik zoom uit. Links zie ik houten paalhutten in de zee. Toeristisch resort. Aan de overkant van de baai ligt een cruiseschip voor anker. De betovering is verbroken. De perfectie wordt al snel banaal, eenheidsworst enkel goed voor social media. Met een zweem van fout leedvermaak bedenk ik hoe de plek er zou uitzien in het orkaanseizoen – Omgewaaide palmbomen, afgerukte takken, rommel op het strand.

Ach, ik overdrijf, en dat leedvermaak is  nergens voor nodig. Een tropisch eiland: het moet écht fantastisch zijn. En toch, ik moet er niet zo nodig naartoe. Moet ik de tropische perfectie met mijn eigen ogen gezien hebben om ervan te kunnen houden, om ze naar waarde te schatten, om er desnoods over te dromen? Voor een week of twee naar de andere kant van de wereld vliegen: zou het uiteindelijk voor niet meer dan enkel wat vluchtig, onbetekenend geluk leiden, al vervagend halfweg onderweg naar huis?

Het verlangen om de wereld te zien is één van mijn grootste drijfveren. Ik droom van maagdelijke stranden, ongerepte bossen, blauwe luchten, lange zomerdagen, de eindeloze weg. Maar toch, ik kies mijn dromen zorgvuldig. Ooit ga ik misschien eens voor langere tijd overzee, maar voorlopig is het goed zoals het is in Europa. In Europa, mijn Europa, mijn continent, worden al mijn dromen werkelijkheid.

Aan de Middellandse Zee staan ook palmbomen.

De nachttrein: een liefdesverklaring

“Op een laddertje klimmen om in je slaapbank te sukkelen. Het gestage geraas als sussend achtergrondgeluid terwijl je indommelt. De cadans van de trein, de diepe hartslag van het beest dat over de sporen zuidwaarts vliegt. Af en toe turen in de nacht naar een lichtje. Wat voelt het heerlijk vertrouwd. Net als vroeger, met de intussen afgeschafte rode nachttrein naar Zwitserland.

Woelen in een smal bed. Dooreengeschud worden in perfecte synchronisatie met het schudden van de trein. Een oververhitte coupe door de warmte van vier slapende lijven. Nachtelijk ijsberen op de benauwende gang, de nacht ontdaan van alle menselijke geluiden, en tevergeefs proberen om een verlicht plaatsnaambordje te lezen dat veel te snel voorbijflitst. De machine stopt, trekt zich langzaam weer op gang, stopt weer. De trein kruipt, holt, kreunt, kraakt, steunt, fluistert, piept. Een levend, grommend beest, lijkt het, en ik zit opgesloten in de buik.

De onbetaalbare beloning: wakker worden in Spanje, met een onbeschrijflijk mooie zonsopgang boven de heuvels van Segovia en Madrid er bovenop.”

Zelf ook je liefde verklaren aan reizen zonder vliegtuig? 

  • Het is Lieve Van den Bulck die bovenstaande ode op haar eigen blog schreef en er ons een mailtje over stuurde. Het verhaal is al enkele jaren oud en de nachttrein naar Madrid is niet meer, maar vervangen door een HST-verbinding overdag met minimaal één overstap in Barcelona. Gelukkig of helaas, vraagt Lieve zich af. Het bovenstaande indachtig, voor nostalgische zielen zoals ons in ieder geval doodjammer!
  • Omdat er nooit verhalen genoeg kunnen zijn… doe zoals Lieve en blijf ze delen met ons via [email protected] of een berichtje op facebook, bedankt!

Zonder vliegen rond de wereld: deel II – Routine

Fietsen kunnen we allemaal. Trappen en tranen in de eerste week, maar na de Ardennen is de rest van Frankrijk een fietsparadijs. Een wereldreis starten dicht bij huis laat je langzaam wennen aan veranderingen. Je kan je volledig focussen op jezelf, je fiets en de route. De hittegolf bij vertrek gooit ons al snel in een routine: om zes staan we op en fietsen tot iets na de middag. In een sneltempo koersen we naar Compostela. Zes dagen trappen, een dag rust. Zo wordt het fietsen als een werkdag. De tent opzetten, koken, je fietstenue wassen en douchen, dat hebben we toch wat onderschat. De gedroomde rustmomenten met tijd voor lezen, tekenen of films kijken blijken ook op fietsreis zeldzame momenten om te koesteren.

Aan zeventien kilometer per uur reizen we de wereld rond: de gemiddelde snelheid van fietstoeren of zeilen met de passaatwind. Ritme bepaalt de reis. Tijdens het trappen zien wij, stadskinderen, het platteland in Europa verdunnen. Tijdens het zeilen zien wij, landrotten, de sterren weerspiegeld in de kalme zee en wanen we ons in het heelal. Zo wordt het onderweg zijn de echte reis en onafhankelijk van de bestemming, zoals mijmeren op de bus terwijl het landschap geleidelijk aan voorbijglijdt.

De vluchtige passages doorheen vreemde streken prikkelen onze nieuwsgierigheid. Waarom hangen er altijd plastieken zakken rond bananentrossen in Saint Lucia? We leren heel anders van de wereld en haar mensen. Esther leert dat plastieken zakken zorgen voor een snellere rijping van de bananen en hen beschermen tegen de beestjes en kneuzingen. Ook Vincent verlegt zijn grenzen elke dag én nacht: de eerste wildkampeernacht is voor hem slapeloos. Gelukkig maakt herhaling gewoonte en blijkt niet ieder nachtelijk geluid een rover. Na drie maanden fietsen verkiest Vincent een stranddouche met vlakke plek boven een familiecamping als slaapplek. Eens geïnstalleerd, promoveert onze tent tot een filmzaal of leessalon.

Je kan de reis rond de wereld zonder vliegtuig van Esther en Vincent volgen op hun blog of via facebook of instagram. Deel I van het verhaal vind je hier

De magie van de alledaagsheid

Het was de avond dat ik Denenmarken binnenreed – onbekend land. De schemering valt in, de temperatuur duikt snel naar beneden – het is al eind september, de zomer is voorgoed voorbij. Ik ril even. In dorpen en aan boerderijen worden de lichten ontstoken. Er komt rook uit de schouwen, luiken worden gesloten.

Door een maar half gesloten gordijn zie ik in één van de huizen een vrouw in de keuken staan. ze lijkt aan de bereiding van het avondmaal te beginnen. Het kan ook een man geweest zijn, maar dat is het punt niet. 

Ik heb geen flauw idee wie die man of vrouw was, maar het ogenschijnlijk banale keukentafereeltje laat mij niet los. Het was een beeld van slechts een fractie van een seconde maar in dat ene beeld lag een hele wereld verscholen, en dat was zowel een heel geruststellende als een overweldigende gedachte. Eén beeld, spiegel van een hele wereld, een wereld van iemand die zijn leven  leidt, een wereld van geborgenheid en vertrouwdheid, een wereld met  vrienden en familie, met rituelen, herinneringen en toekomstplannen. 

Ik was het dorp al lang terug uit en reed de duisternis tegemoet. Ik dacht enkel nog aan thuis, aan mijn eigen wereld, mijn kleine wereld. In alle richtingen heb ik de afgelopen jaren mijn machtige continent doorkruist, op zoek naar grootsheid, bevreemding, een vleugje exotisme en naar wat anders is. De echte magie van reizen onthulde zich misschien pas tijdens de avondlijke passage door dat onooglijke dorpje in een uithoek van Denemarken. Er stond iemand achter een keukenraam.

We zijn allemaal iemand